Wildplukken zorgt ervoor dat we ons meer verbonden voelen met de natuur om ons heen en bewust worden van de plant die we eten. Soms lijkt het of in Nederland het wildplukken opnieuw uitgevonden wordt, alsof het niet de oudste manier is van voedsel verzamelen.

In onze huidige maatschappij hebben we meer nodig dan gezond voedsel. We hebben ook etherische olie nodig van kruiden die we zelf kunnen verkrijgen in onze leefomgeving. Eigen kruiden verzamelen en verwerken tot krachtige etherische oliën maakt dat we zelf invloed hebben op kwalen en klachten en onze gezondheid positief kunnen beïnvloeden. Ik vind het een heerlijk gevoel, dat ik zelf mijn welbevinden kan verbeteren door met kruiden te werken.

In ons drukbevolkte landje is het een uitdaging om een goede locatie te vinden waar je met toestemming kunt wildplukken. Je let erop, uiteraard, dat je niet langs de weg tussen de uitlaatgassen of bij een hondenuitlaatplaats gaat plukken.

Op het Griekse eiland Kreta is er ruimte om elk jaar een aantal medicinale aromatische kruiden uit het wild te verzamelen om etherische olie van te maken. Babis en Janina destilleren al meer dan twintig jaar met veel passie en vakmanschap met hun destilleerbedrijf Wild herbs of Crete.

Catharina knipt bergbonenkruid op Kreta

Henk en ik voelen ons zeer bevoorrecht dat we in mei 2010 nog vóór de prille start van INDEKOPERENKETEL een bezoek konden brengen aan deze bijzondere gedreven mensen op Kreta. Tijdens ons bezoek gingen we Satureja montana (bergbonenkruid) plukken aan de zuidkant van het eiland. De ervaring van het ondergedompeld worden in de wereld van de krachtige, geurende, gezonde plant om te oogsten was geweldig. Voor mij was dat de eerste keer dat we in de gelegenheid waren om de hele ‘familie’ te kunnen oogsten: kleine eenjarige zaailingen, volwassen planten en oudjes door elkaar in het veld.

Henk is in het veld met bergbonenkruid aan het knippen

Wat is wildplukken van aromatische kruiden? Hoe verschilt de etherische olie van olie uit gecultiveerde aromatische kruiden en wat is een ‘wildgeplukte olie’? Hierover heeft Janina Sorensen van Wild herbs of Crete een artikel geschreven.
Vertaald uit het engels en losjes bewerkt door Catharina de Bruin. Eindredactie: Marlies de Bruin

Dit is een vertaling van het originele artikel: Wild-crafting aromatic plants in Crete: Experiences, theory and practice by Janina M. Sorensen, Wild herbs of Crete, dec 2019. (Proceedings of BOTANICA 2016, conference proceedings, pp. 33-39.¨”Wild-crafting aromatic plants in Crete: experiences, theory and practice ” Janina M. Sorensen (Crete)

Samenvatting

We hebben een brede verscheidenheid aan aromatische planten in hun eigen natuurlijke habitat geplukt op Kreta en we produceren al meer dan twintig jaar hun etherische olie. Wat is wildplukken, hoeverre verschilt het van gecultiveerde aromatische planten en wat is wildpluk olie? Wat is een soortenolie? Dit artikel beschrijft de praktijk, filosofie en verantwoordelijkheden van het wildplukken zoals we dat hebben ervaren en verder ontwikkeld in de loop van de jaren.

Ten eerste wil ik de redenen uiteenzetten waarom we hebben gekozen voor het verzamelen van in het wild groeiende aromatische planten en hoe we dat doen. Daarna doe ik een poging om onze ervaringen te beschrijven als we aan het verzamelen zijn en de interactie met de planten in hun natuurlijke omgeving. In deze uiteenzetting wil ik onze ervaringen met de planten in hun natuurlijke omgeving linken met heel recent onderzoek op het gebied van plantenfysiologie, planten-signalen, eco-ethiek en zaken als bescherming van biodiversiteit. Ten slotte vraag ik me af wanneer en hoe een verandering in onze houding ten opzichte van in het wild groeiende planten kan bijdragen aan het beschermen en herstellen van plantenhabitats.

Introductie

Wildplukken is gedefinieerd als het verzamelen van in het wild groeiend plantmateriaal in haar natuurlijke habitat, tegenover gecultiveerd plantenmateriaal dat groeit en wordt geoogst in een kunstmatige omgeving. Wij hebben al decennialang een verscheidenheid aan aromatische planten geplukt en hun etherische olie gedestilleerd op Kreta. We verzamelen alleen plantensoorten die in grote overvloed groeien in de bergen en andere afgelegen streken, en zijn heel voorzichtig met hoe we knippen, zodat de plant optimaal opnieuw verder kan groeien. We doden geen enkele plant. Al onze kruiden zijn met de hand geknipt, om te voorkomen dat we de plant, de natuur, de omgeving of onszelf aan herrie en destructieve energie blootstellen. We knippen alleen zoveel als de plant ons kan geven, we laten zoveel mogelijk intact zodat het volgende jaar de plant zelfs nog uitbundiger zal zijn. We destilleren elke soort naar specifieke behoefte om er zeker van te zijn dat de plant een complete transformatie maakt naar de vluchtige etherische olie. Hieronder zal ik wat uitgebreider ingaan op de praktijk, theorie, filosofie en verantwoordelijkheden van het wildplukken, zoals we dat hebben ervaren en ontwikkeld in de loop van de jaren.

Wildpluk versus gecultiveerde medicinale en aromatische planten

In de kwekerij worden aromatische planten allemaal tegelijkertijd gezaaid, met een beperkte levensduur en gekweekt voor menselijke behoeften in een gecontroleerde, kunstmatige omgeving. Bijvoorbeeld de productie van pepermuntolie uit USA. Het is economisch interessanter om het plantenmateriaal elk jaar opnieuw in zijn geheel te oogsten. Alle commerciële muntvariëteiten zijn steriel opgekweekt uit genetisch identieke uitlopers. Genetisch identieke zaden of zaailingen van andere planten worden gebruikt om op omgeploegde velden een monocultuur te kweken in een compleet leeggemaakt terrein. Schone rijen, zonder andere plantaardige medebewoners, allemaal van dezelfde maat om het gebruik van machines voor bemesting, onkruid- en ziektebestrijding en beregening makkelijk te maken. Het gewas wordt eerst geoogst door conventionele grasmaaiers, voordat het wordt vermalen door oogstmachines die het plantenmateriaal geschikt maken om in kratten direct naar de destilleerderij te vervoeren, alsof het niet toegestaan is om de planten op het veld te laten verwelken. In het geval van munt zal de volgende machine de wortels opgraven, vermalen en vervangen door het gewas voor het volgende jaar. Het planten, kweken en oogsten gebeurt op machinale wijze, zonder enige interactie tussen mens en plant.

We hebben ervoor gekozen om uitsluitend in het wild groeiende aromatische planten te verzamelen en destilleren. We voelen een sterke band in de relatie met aromatische en medicinale planten, zowel de afzonderlijke wilde plant als de soort. De planten zijn niet genetisch gemodificeerd, niet bemest met kunstmest of beregend of met chemische middelen behandeld. Zij belichamen de vrije expressie van wilde planten in hun eigen gekozen omgeving. Hier kunnen we ons direct verbinden met de afzonderlijke plant en met de gehele soort in zijn natuurlijke habitat.

Ervaringen in de wisselwerking met planten

In de praktijk zijn er drie verschillende maar aan elkaar gelieerde interacties bij het wildplukken tussen ‘verzamelaar’ en de ‘verzamelde’, tussen mens en plant:

Mens – individuele plant relatie

Verzamelen in het wild is een doorlopende relatie met elke levende plant. We beginnen met communiceren en samen te werken met elk individu afzonderlijk. We waarderen zijn vorm, zijn leeftijd, zijn kleuren, zijn geur en nemen de levenskracht waar. We worden meer intiem met elkaar, we begrijpen hoeveel van zijn groei die met ons kan delen, en dat het uit vrije wil zoveel mogelijk aan ons wilt geven. Als tegenprestatie beloven we het gedeelte dat we meenemen in geurige etherische olie te transformeren, en tegelijkertijd dat we ons verzekeren van de vitaliteit en overleving van de plant. De planten schijnen op één of andere manier jouw aanpak te weten en reageren op jouw intentie. Wilde planten worden handmatig geoogst – er is geen herrie van machines, alleen het gezoem van bijen en insecten en vogelgeluiden. De planten roepen je; je beweegt van de één naar de ander. Het is een privilege om het gevoel van verbondenheid te mogen ervaren, de communicatie en vreedzame samenwerking. We weten precies wanneer ze op hun best zijn om te oogsten; ze smeken bijna om te mogen worden geoogst. Veel soorten houden een siësta tijdens de heetste uren van de dag, vouwen hun bladeren op en maken zich klein, ze slapen en rusten tot aan zonsondergang. Die plant onttrekt zich aan de interactie met ons; we voelen dat aan en laten ze met rust.

Mens – plantgemeenschap relatie

Tijdens het verzamelen, als we van plant naar plant gaan, leren we de soortspecifieke variëteit en diversiteit kennen en waarderen; één van de redenen waarom we de voorkeur geven aan wildgeplukte aromatische planten is dat ze in groepen leven. Een plantengemeenschap bestaat uit verschillende soorten individuen van verschillende leeftijden en grootte, levenservaring en levenskracht, elk van hen afzonderlijk onderscheidt zich in de gemeenschap. Hoewel sommige planten miljoenen zaden produceren, zullen maar enkele overleven en dit zorgt voor genetische diversiteit en veerkracht in de gemeenschap. Elke op zichzelf staande gemeenschap heeft daarbij ook zijn eigen karakteristieken, die verschillen al naar gelang de omgevingsfactoren zoals hoogte, vochtigheid en geologische structuren. Bijvoorbeeld: een plantenfamilie van Thymus capitatus (conehead Tijm) die op zeeniveau groeit aan de kust, zal anders leven dan een gemeenschap die groeit in de bergen in een stenige omgeving. Vitex agnus castus (monnikenpeper) families groeien dicht bij elkaar, gaan de hoogte in wanneer ze in rivierbeddingen groeien en staan verder uit elkaar en blijven lager wanneer ze aan het strand groeien. Salvia triloba (drielobbige Griekse Salie) groeien beter in de glooiende heuvels tussen andere planten dan in Salvia groepen die bestaan uit individuele planten die leven, zich vastklampen haast, aan steile hellingen.

Mens – omgeving relatie

Elke plantfamilie groeit in zijn eigen natuurlijke omgeving. In zijn natuurlijke omgeving kan de afzonderlijke plant en de plantsoort in gemeenschap en in relatie voorkomen niet alleen met andere planten maar ook met bacteriën, schimmels, insecten en vogels. Elke soort heeft zijn favoriete buren, gezelschapsplanten (gilden, vert.) en bezoekers, zijn favoriete grondsoort en microklimaat. In de communicatie met elke plantensoort in zijn eigen ‘bredere gewaarwording’, zijn speciale habitat, kunnen we zijn eigenheid voelen en waarderen zijn energie. Sterke, vrije en gezonde planten zijn een expressie van hun individualiteit en kunnen harmonieus samenzijn en tegelijk vrij zijn in hun groep, net zoals wij menselijke wezens dat kunnen.

Deze drie verstrengelde aspecten van het wildplukken leiden tot een geïntegreerde holistische beleving van de interactie tussen planten en mens, en tot het besef, dat een plant alleen maar kan leven in het wild, ongestoord in zijn natuurlijke omgeving. De praktische ervaring van het verzamelen van wilde planten kan een levendige, dynamische interactie tussen mens en plant zijn. Onze ervaring is dat planten met ons communiceren en het graag doen. Door de interactie kunnen we het wezenlijke van de plant (h)erkennen; we ontwikkelen respect en dankbaarheid terwijl we plukken.

We hebben ervoor gekozen, en hebben het geluk om op Kreta te leven, een plek waar natuurlijke en relatief ongerepte gebieden nog steeds voorkomen, en waar we kunnen genieten van het feit dat planten de kans hebben zoveel mogelijk hun eigen leven te leiden. Hoewel we ook in aanraking zijn gekomen met de vernietiging van biotopen. Het is hartverscheurend om te zien hoe hele gebieden zijn leeggehaald, kaal en platgemaakt. Het enige wat we hier kunnen doen is zaden verspreiden die we verzamelden en hopen dat het plantenleven uiteindelijk erin zal slagen om te overleven.

De onophoudelijke aanval op plantenhabitats, de vernietiging en veranderingen door ontbossing, omvormen naar plantages, weides en industrie vormt een directe bedreiging voor twintig tot dertig procent van alle plantensoorten en resulteert in aantasting van het milieu, verdwijnen van soorten, verlies van genetische diversiteit en klimaatverandering (1, 2). Wij verliezen ook, aangezien aangetoond is dat we minder tijd in natuurlijke gebieden doorbrengen wat potentieel behoorlijke gevolgen kan hebben voor onze mentale gezondheid. De mogelijkheid hebben om in aanraking te komen met een natuurlijke omgeving en natuurlijke plekken zou gestimuleerd moeten worden (3). Het is daarom onze verantwoordelijkheid, en in ons eigen belang, om actief plantenfamilies en natuurlijke leefomgevingen te behouden en beschermen.

De verantwoordelijkheden en de mogelijkheden van wildplukken

Wildplukkers kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de bescherming van plantendiversiteit en habitat. Er is onderzocht dat duurzame, niet-destructieve wildpluk in toenemende mate wordt gezien als de belangrijkste beschermingsstrategie voor de meest wildgeplukte soorten en hun natuurlijke omgeving en bij kan dragen aan het instandhouden van gemeenschappen, soorten en een veelzijdig ecosysteem. Aanvullend, bewerkstelligt wildplukken, tegenover het domesticeren en cultiveren, de bescherming van de genetische diversiteit van elke plantensoort. Het verminderen van de mate waarin wilde planten worden verzameld zou kunnen leiden tot aantasting van het milieu en het verlies aan genetische diversiteit en de prikkel om wilde soorten te beschermen (1). De auteurs concluderen dat behalve voor langzaam groeiende en op destructieve wijze geoogste medicinale en aromatische planten, waar cultiveren een optie zou kunnen zijn, de belangrijkste beschermingsstrategie is om op een duurzame manier wilde plantensoorten te oogsten.

Wildplukkers zouden betrokken moeten worden bij het behouden en beschermen van planten in het landschap. Zoals wij ook ervaren hebben, geeft het oogsten van wilde planten in hun natuurlijke omgeving in veel gevallen de meeste zekerheid dat mensen hun leefomgeving gaan observeren, begrijpen en zorgen voor deze planten en hun omgeving. Iedere persoon die in het wild groeiende planten verzamelt moet zich bewust zijn van zijn/haar verantwoordelijkheden en mogelijkheden en een actieve bijdrage leveren aan het beschermen en verbeteren van de natuurlijke habitat van de plant. Niet alleen verzamelen en oogsten, wildplukken in de ware zin van het woord betekent een activiteit, een ambacht, waar toewijding, kunde en ervaring voor nodig zijn.

Het kan voordelig uitpakken om de levensvatbaarheid te verbeteren van duurzaam landbeheer door een groeiende markt van producten die, door hun productiemethoden, regio van herkomst, of andere kwaliteiten kan helpen bij de instandhouding. Het ontwerpen en creëren van natuurlijke biotopen kan de diversiteit en ecologische kwaliteit ondersteunen (4).

Inderdaad, in het wild groeiende medicinale en aromatische kruiden zijn in veel gevallen te verkiezen boven hun gecultiveerde soortgenoten. Geneeskrachtige planteigenschappen zijn voornamelijk een gevolg van hun complexe mengsel van secundaire metabolieten, die de planten nodig hebben en produceren in hun natuurlijke, wilde omgeving als reactie op stress en concurrentie. Het aandeel actieve ingrediënten kan ook veel lager zijn in snelgroeiende gecultiveerde planten populaties dan in oudere en langzaam groeiende wilde populaties (1).

Door het bewust beoefenen, ondersteunen en aanmoedigen van duurzame wildplukken kunnen we allemaal rechtstreeks bijdragen aan het herstel en behoud van natuurlijke landschappen en genetische variëteit. Op dit moment aangekomen, kan het interessant zijn om te onderzoeken wat of wie we hebben gekozen om te beschermen en om de vraag te stellen wat planten eigenlijk voor ons zijn.

Planten zorgen voor zuurstof, de adem voor alle levende wezens, voor voedsel. Ieder deeltje van ons, vlees, huid, bloed, zenuwen en hersenen is gegroeid en wordt onderhouden door planten. Zij kunnen tot 90% van hun volume inleveren zonder dood te gaan, zij geven dit aandeel van zichzelf aan ons. Planten zorgen voor al het leven. Zij transformeren zonlicht, water en voedingstoffen tot flora, biomassa, voedsel en onderdak. Geneeskrachtige en aromatische planten dragen bij om aan de fysische en spirituele behoeften te voldoen. Planten produceren miljoenen zaden, duizenden vruchten, een overvloed aan bladeren om al het leven te voeden; zij produceren dat niet alleen voor hun eigen genetische overleving.
Plantaardig leven voedt ons niet alleen fysiek maar zorgt ook voor ons psychische welbevinden. Het zorgt ook voor onze emotionele en spirituele behoeften en heeft een grote invloed op ons mentale welbevinden. Het verdient onze erkenning, respect en dankbaarheid.

Planten: passieve groene grondstof of intelligente wezens?

Na zoveel jaren buiten met de planten bezig te zijn geweest, is het interessant te zien dat recent onderzoek in plantenfysiologie, plant gedrag en intelligentie, planten signalering en communicatie heeft aangetoond dat planten inderdaad in hoge mate communicatieve wezens zijn, in staat tot onthouden, leren, kiezen van opzettelijke en variabele aanpassing aan uitdagingen door gecoördineerde gedragsreacties. (o.a. 5,6)

In de klassieker, het inspirerende boek ‘Secret life of plants’ by Thompkins and Bird, gepubliceerd in 1973, hebben de auteurs beschreven dat planten reageren op mentale en emotionele prikkels, op menselijk handelen en voornemen en reageren op geluid – de reactie op herrie verschilt van de reactie op harmonieuze muziek. Planten groeien als je van ze houdt, ze verwelken wanneer ze met minachting worden behandeld. Ze nemen met geconditioneerde reflexen waar en reageren op mensen en op elkaar (7).

Het was toentertijd een populair en tegelijk controversieel boek, en hoewel bekritiseerd en wetenschappelijk onjuist en niet relevant voor hedendaagse botanisten (8), was het desalniettemin zeer inspirerend. Jammer genoeg heeft de populariteit van het boek, gecombineerd met de scepsis en kritische houding van hedendaagse wetenschappers, effectief voorkomen dat er verdere studie is gedaan naar dit onderwerp. Het zou nog dertig jaar duren voordat vooraanstaande wetenschappers langzaamaan de thema’s erkenden die Thompkins and Bird’s onderzochten: dat planten zoveel meer zijn dan alleen passief groen spul.

Recente studies tonen aan dat planten inderdaad zoveel meer zijn dan alleen passief groen spul. Het snel uitbreidende nieuwe onderzoeksgebied van planten signalering en gedrag in biologisch onderzoek probeert te begrijpen hoe planten informatie en uitdagingen ontvangen en daarop reageren op een geïntegreerde manier en bestudeert planten als gedragsorganismen die informatie uit hun omgeving kunnen ontvangen, opslaan, delen, verwerken en gebruiken (herzien in 9).

Planten bleken uitgebreid te communiceren binnen hun populaties en met andere soorten die hun leefgebied delen. Pisum sativum (erwt) gaven droogte-stress signalen af ​​aan hun ongestresste buren, die niet alleen de signalen waarnamen en erop reageerden, maar ze ook extra doorgaven aan ongestresste planten, een soort intra-populatie waarschuwingssysteem. Bovendien waren de van tevoren gewaarschuwde planten beter in staat om later daadwerkelijk de droogte te weerstaan (10). Artemisia tridentata (steppe Salie) geven vluchtige signalen af ​​om hun buren te waarschuwen wanneer ze gewond raken, wat resulteert in een verhoogde weerstand tegen herbivoren in de ontvangende planten.

Bovendien werd gevonden dat de planten effectiever reageerden op vluchtige signalen die werden uitgestraald door naaste familieleden of planten die dezelfde kenmerken vertoonden (11). Interspecifieke waarschuwingssignalen die afweermechanismen produceren in de ontvangers zijn echter ook gemeld tussen soorten die een habitat delen. Distels waarschuwden bijvoorbeeld vestingmuur tegen bladluizen, Artemisia tridentata (steppe Salie) waarschuwde wilde tabaksplanten tegen herbivoren, bonen ontvingen en reageerden op vluchtige signalen van verschillende samenwonenden (zie 12).

Verschillende interessante onderzoeken geven aan dat planten geluid ontvangen en erop reageren. Geluidsopnamen van op bladeren kauwende rupsen werden op onaangetaste Arabidopsis thaliana (zandraket) planten afgespeeld die vervolgens reageerden met de productie van defensieve chemicaliën. De plant kon onderscheid maken tussen het geluid van kauwen op bladeren en windvlagen en andere insectengeluiden dat werd afgespeeld. In dat geval produceerden ze geen chemische stoffen (13).
Acht recente medicinale plantenonderzoeken laten zien dat ‘soft and smooth’ muziek de plant stimuleert om te groeien en bloeien. Ook veroorzaakt deze muziek een toename van het gehalte van metabolieten zoals phenol (14).

Andere onderzoeken geven zelfs een soort geleidelijke voorkeur in muziekkeuze. Rosa chinensis (Chinese roos) planten groeien beter en geven meer bloemen wanneer ze worden blootgesteld aan Indiase klassieke chants en muziek, dan bij blootstelling aan klassieke westerse muziek, minder bij stilte en zelfs nog minder wanneer ze worden blootgesteld aan rock muziek (15).

Voor meer over dit onderwerp werd door Monica Gagliano recent onderzoek naar plantencommunicatie in het algemeen gedaan en naar wat zij noemt bioacoustics: de studie van geluid geproduceerd door, of beïnvloed door planten in het bijzonder (16).
Planten kunnen ook leren, en er werd aangegeven dat Mimosa pudica (kruidje-roer-me-niet) gewend raken en vervolgens een bepaalde potentieel gevaarlijke stimulus negeren. Wanneer zij er aan gewend waren geraakt stopten ze met het opvouwen van hun bladeren. Interessant is dat ze deze gedragsverandering konden onthouden, zelfs wanneer ze een tijdje ongemoeid waren gelaten, en dan opnieuw onderworpen werden aan dezelfde stimulus (17).
Deze geciteerde onderzoeken zijn slechts enkele voorbeelden van recent onderzoek naar plantcognitie, gedrag en communicatie.

Inclusief planten – naar een geïntegreerd plantenwereldbeeld

Anthony Trewavas, een biochemist en hoogleraar in de plantenfysiologie, bepleit om planten te beschouwen als intelligente organismen die in staat zijn om te gewaarworden, leren, onthouden, overwogen keuze te maken en op vele verschillende manieren aan uitdagingen aan te passen met gecoördineerde gedragsreacties. Hij stelde het concept voor van ‘plantenintelligentie’ omdat planten de eenvoudige vormen van gedrag vertonen die neurowetenschappers beschrijven als basisintelligentie.

Planten passen zich aan aan milieu-uitdagingen door informatieverwerking, besluitvorming en uiteindelijk gedragsveranderingen, activiteiten die niet kunnen worden verklaard als voorprogrammering of automatische reacties (zie 5, 18). Hij vermeldt ook dat in de competitieve zoektocht naar hulpbronnen en in communicatie met hun natuurlijke habitat de meeste intelligente plantattributen werden gedetecteerd, en dat echt intelligent gedrag te verwachten valt in wilde planten.

De bewustwording dat plantenleven als een ‘intelligente’ levensvorm in staat is tot communicatie, gewaarworden, reageren en onthouden, bewustzijn dat is verworven door het te ervaren, door de wetenschappelijke uitkomsten of wellicht beide, nodigt uit tot erkenning en respecteren van planten en zijn levende natuur.

En zeker, deze bevindingen rakelen de discussie op over plantenethiek en hoe we ons verhouden tot planten als complexe, ‘intelligente’ levende organismen. Gagliano and Grimonprez (6) vragen zich af of het mogelijk is voor mensen om andere betekenisvolle levensvormen waar te nemen en te waarderen en suggereren dat onze benadering misschien als eerste waardering zou moeten hebben voor de verschillende ‘culturele achtergrond’ dat het plantenleven heeft. De waardering voor de diversiteit en een respectvolle houding en tolerantie zijn noodzakelijk bij de ethische overwegingen in menselijke maatschappij zowel als tegenover andere, dierlijke of plantaardige, levensvormen.

Hoewel het hedendaags wetenschappelijk inzicht eindelijk planten erkent als autonome wezen, houdt menselijk handelen geen rekening met hun bewuste, intelligente autonome status. Deze theoretische formuleringen moeten echter direct echte actie worden en we moeten er ook naar gaan gedragen, zoals Matthew Hall verwoordt in zijn zeer inspirerende boek ‘Plants as Persons’ (2). Hij pleit ervoor om planten op te nemen in het domein van onze morele overwegingen en roept op tot discussie over mens – plant ethiek. Mensen hebben de neiging om planten uit te sluiten van hun waardevolle systemen, ontkennen hun autonomie, zien ze alleen als hulpbron of grondstof. Dit resulteert in uitbuiting, slechts misbruiken van planten en leidt tot behoorlijk serieuze ecologische destructieve milieuconsequenties.

Zolang we planten blijven beschouwen als gebruiksvoorwerpen die we kunnen overheersen, manipuleren en uitbuiten, kan het vernielen van het landschap, de uitroeiing van soorten, verlies van biodiversiteit en milieuschade doorgaan zonder morele of ethische overweging. Het bewust worden van planten als een levensvorm met ethische en morele rechten die hun individuele natuur weerspiegelt, hun diversiteit en vooral hun natuurlijke omgeving, ligt aan de basis voor onze acties om plantenleven te bewaren en beschermen. Een ander planten-wereldbeeld kan worden ontwikkeld, één die aanzien opeist met respect en zorg voor hun levensvorm en leefomgeving. Ten slotte, vraagt de filosoof Michael Marder (19) zich retorisch af of het wel ethisch is om planten te eten. Men zou kunnen stellen dat de vraag of het ethisch verantwoord is om planten te eten niet aan de orde is; noch zou het moeten zijn ‘planten moeten schaden om te overleven’.

Ik geloof dat levende planten in het algemeen niet worden beschadigd door al het leven te voeden. Het is de bedoeling van het leven van planten en een vreugde om in al het leven te voorzien. Plantenleven wordt juist beschadigd door onze respectloze manier van domineren, manipuleren, slavernij en uitbuiting, door onze vernietiging van hun leefomgevingen en van hun genetische diversiteit. Dienovereenkomstig is een ethische benadering van rechten van planten op hun eigen leven en hun eigen habitats nodig. Zoals Hall (2) suggereert, is het beschermen en herontwikkelen van plantenhabitats, de plekken met rust te laten waar planten kunnen gedijen, één van de topprioriteiten van de mensheid in de 21ste eeuw.

Slotopmerkingen

Ten slotte: wat begon als een verslag van onze jarenlange ervaringen met wildplukken van een verscheidenheid aan aromatische planten in verschillende gebieden is een pleidooi geworden voor wilde planten, voor de morele rechten van planten op de genetische variatie van hun soort en de interactie met medebewoners in hun natuurlijke leefomgeving. Zowel onze eigen, decennia lange ervaring met het oogsten van wilde planten als recent wetenschappelijk onderzoek suggereert dat plantenleven een levensvorm is met zijn eigen ethische en morele rechten op deze planeet, een levensvorm met zijn eigen doel en behoeften die we zouden moeten respecteren en beschermen. Door de directe en actief beleefde communicatie met planten in hun omgeving kunnen we reflecteren op onze relatie met het plantenleven en de interrelationele verhouding met het plantenleven.

Ik hoop dat deze bijdrage inspireert tot een veranderende houding ten opzichte van plantenleven, dat de fundamentele basis is voor een bewuste inspanning om de natuurlijke gebieden en biodiversiteit te beschermen en behouden. Alleen op basis van respect en erkenning kan er een begin gemaakt worden aan de interactie met planten op hun eigen voorwaarden, door ze te erkennen en actief zorg te dragen en aandacht te geven aan hun vrijheidsrechten.

Dit is een vertaling van het originele artikel: Wild-crafting aromatic plants in Crete: Experiences, theory and practice by Janina M. Sorensen, Wild herbs of Crete, dec 2019. (Proceedings of BOTANICA 2016, conference proceedings, pp. 33-39.¨”Wild-crafting aromatic plants in Crete: experiences, theory and practice ” Janina M. Sorensen (Crete)
Vertaald uit het engels en losjes bewerkt door Catharina de Bruin. Eindredactie: Marlies de Bruin.

Bronnen

1. Schippmann U. et al (2006). A comparison of cultivation and wild collection of medicinal and aromatic plants under sustainability aspects. In: R.J. Bogers, L.E. Craker and D. Lange (eds.), Medicinal and Aromatic Plants, 75-95.

2.Hall M. (2011). Plants as persons: A philosophical Botany. State University of New York Press, Albany. Pp. 235

3. Pearson D. and Craig A. (2014). The great outdoors? Exploring the mental health benefits of natural environments. Front Psychol 5: 1178

4. Sanderson H, Prendergast H. (2003). Commercial uses of wild and traditionally managed plants in England and Scotland. Centre for Economic Botany Royal Botanic Gardens, Kew. https://www.kew.org/science/ecbot/commusesreport.pdf

5. Trewavas A. (2003). Aspects of Plant Intelligence. Annals of Botany 92: 1-20

6. Gagliano M., Grimonprez (2015). Breaking the Silence—Language and the Making of Meaning in Plants. Ecopsychology 7 (3): 145-151

7. Tompkins P. and Bird Ch. The Secret Life of Plants (1973). Harper Collins Publishers, New York

8. Galston AW and Slayman CL. The Not-So-Secret Life of Plants: In which the historical and experimental myths about emotional communication between animal and vegetable are put to rest.(1979). American Scientist 67:3, 337-344

9. Brenner et al. (2006). Plant neurobiology: an integrated view of plant signaling. TRENDS in Plant Science 11 (8): 413-419

10. Falik O. et al. (2011). Rumor has it..: Relay communication of stress cues in plants. PLoS ONE 6 (11): e23625

11. Karban R., Shiojiri K. et al. (2013). Kin recognition affects plant communication and defense. Proc. Royal Soc. B 280: 20123062

12. Heil M. and Karban R. (2010).Explaining evolution of plant communication by airborne signals. Trends Ecol. Evol. 25: 137-144

13. Apple H. and Cocroft R.B. 2014. Plants respond to leaf vibrations caused by insect herbivore chewing. Oecologia 175(4): 1257-1266

14. Sharma D. et al. (2015). The effect of music on physico-chemical parameters of selected plants. Int J Plant Animal Environ Sciences 5 (1): 282-287

15. Chivukula V., Ramaswamy S. (2014). Effect of Different Types of Music on Rosa Chinensis Plants. Int J Environ Develop 5:5, 431-434

16.Gagliano M. (2013). Green symphonies: A call for studies on acoustic communication in plants. Behavioral Ecology 24:4, 789-796

17. Gagliano M et al. (2014). Experience teaches plants to learn faster and forget slower in environments where it matters. Oecologia 175:63–72

18. Trewavas A. (2005). Green plants as intelligent organisms. Trends in Plant Science 10 (9): 413-419

19. Marder M (2013) Is It Ethical to Eat Plants? Parallax, 19(1): 29-37

Wildplukken door Janina op Kreta